De zonnecyclus en het noorderlicht
De zon heeft een ritme van ongeveer elf jaar. Cyclus 25 bereikte rond eind 2024 zijn maximum, precies in de periode dat Nederland twee keer onder het noorderlicht stond. Dat betekent niet dat de feestjes voorbij zijn.
Wat is de zonnecyclus?
Het magnetisch veld van de zon raakt ongeveer elke elf jaar in de knoop en ordent zich daarna weer. Bij het maximum zitten er veel zonnevlekken op de zon, en die vlekken zijn de bron van zonnevlammen en coronale massa-ejecties. Bij het minimum is de zon soms wekenlang vrijwel vlekkenloos.
De cycli worden genummerd sinds het midden van de achttiende eeuw. Cyclus 25 begon eind 2019 en liep sterker dan veel voorspellers aanvankelijk dachten.
Mei en oktober 2024: het maximum in de praktijk
Op 10 mei 2024 kwam een reeks CME's uit een groot vlekkengebied tegelijk aan. Het werd de eerste G5-storm sinds 2003. In heel Nederland en België stonden mensen buiten, en op sociale media verschenen foto's uit vrijwel elke provincie.
Op 10 oktober 2024 volgde een G4-storm, opnieuw met noorderlicht boven de Lage Landen. Twee zulke nachten in één jaar zijn uitzonderlijk, maar passen bij een actieve fase van de cyclus. In het stormarchief zie je welke nachten sinds 1989 Kp 5 of hoger haalden, en waar het poollicht toen zichtbaar was.
Hoe meet je hoe actief de zon is?
Het oudste maatgetal is het zonnevlekkengetal, dat sinds 1749 wordt bijgehouden en tegenwoordig vanuit Brussel wordt beheerd door het Solar Influences Data Analysis Center van de Koninklijke Sterrenwacht van België. Vlaamse lezers hebben dus een stukje zonnecyclus in de achtertuin.
Daarnaast kijken onderzoekers naar de radiostraling van de zon op 10,7 centimeter golflengte en naar het aantal zonnevlammen. Voor de noorderlichtjager is de Kp-index het meest bruikbare getal, omdat die direct zegt hoe hard het aardmagnetisch veld wordt geraakt.
Waarom de jaren na het maximum interessant blijven
Het aantal zonnevlekken piekt bij het maximum, maar ook in de jaren daarna komen nog zware geomagnetische stormen voor. Grote, complexe vlekkengroepen verschijnen in de afnemende fase nog geregeld, en coronale gaten leveren dan snelle zonnewind die elke 27 dagen terugkeert.
Voor 2026 en 2027 betekent dat: sterke stormen blijven mogelijk. Ze worden geleidelijk zeldzamer dan in 2024, maar een Kp 7 of 8 is allesbehalve uitgesloten. Wie in Noord-Nederland woont, doet er goed aan om alert te blijven.
Wat het betekent voor een reis naar Lapland
Onder de ovaal, in Abisko, Tromsø of Rovaniemi, maakt de zonnecyclus minder uit dan je zou denken. Ook bij het minimum is er op heldere nachten vaak poollicht te zien, want daar is Kp 0 tot 2 vaak al genoeg.
Wat wel verandert, is de kans op die spectaculaire nachten met corona boven je hoofd en roze randen. Die worden in de afnemende fase iets zeldzamer, maar ze blijven voorkomen. Een reis in de winter van 2026 of 2027 is dus geen gemiste kans.
Grote stormen in het verleden
De bekendste zware storm is het Carrington-event van september 1859, toen poollicht tot in de tropen werd gezien en telegraaflijnen vonken gaven. In maart 1989 legde een storm het stroomnet van de Canadese provincie Quebec urenlang plat. Ook toen werd het noorderlicht in grote delen van Europa gezien.
Zulke uitschieters passen niet netjes in een schema. Ze kunnen bij een gematigde cyclus net zo goed voorkomen als bij een sterke.
Wanneer is het volgende minimum?
Als de cyclus zich gedraagt zoals gemiddeld, ligt het volgende minimum rond 2030 en het maximum van cyclus 26 ergens in de eerste helft van de jaren 2030. Precieze voorspellingen zijn lastig. De lengte van een cyclus varieert van ongeveer negen tot veertien jaar.
Ook lang na het maximum kunnen er verrassingen komen. De zogenoemde Halloweenstormen eind oktober 2003 vielen in de afnemende fase van cyclus 23 en gaven toen ook in Nederland noorderlicht.
Equinoxen en het 27-daagse ritme
Naast de elfjarige cyclus zijn er twee kortere patronen. Rond de equinoxen in maart en september staat de aarde zo ten opzichte van het interplanetair magnetisch veld dat de koppeling iets makkelijker is. Gemiddeld zijn er dan meer stormen.
Daarnaast draait de zon in ongeveer 27 dagen rond, gezien vanaf de aarde. Actieve gebieden en coronale gaten komen daarom vaak een maand later terug. Had je in maart een mooie nacht, kijk dan eind april opnieuw.
Noorderlicht in Nederland: een kwestie van geduld
Ook in een actieve fase is het noorderlicht in Nederland geen wekelijkse gebeurtenis. Er zijn jaren met een handvol nachten waarop het op de camera verschijnt in het noorden, en jaren met vrijwel niets.
Het helpt om meldingen in te stellen en de Vannacht-pagina te volgen. Wie altijd een jas en een plan klaar heeft, mist de volgende grote storm niet.
Een praktische tip: hou in het donkere halfjaar een vaste plek in je hoofd, op hooguit een uur rijden, met vrij zicht op het noorden. Voor veel mensen in Groningen en Friesland is dat de Waddendijk, voor Brabanders en Kempenaren een heideveld zonder lantaarnpalen. Als de storm komt, hoef je dan niet meer te zoeken.
Veelgestelde vragen
Is het zonnemaximum voorbij? Volgens de meeste analyses lag het maximum van cyclus 25 rond eind 2024. Dat betekent niet dat de activiteit plots stopt; de afbouw duurt jaren.
Komt er nog een storm zoals in mei 2024? Niemand kan dat voorspellen. G5-stormen zijn zeldzaam, maar in de jaren na het maximum blijft de kans reëel.
Moet ik mijn reis naar Lapland uitstellen? Nee. Onder de ovaal zie je het poollicht in elke fase van de cyclus, als het weer meewerkt.
Wat waren de Halloweenstormen? Een serie zware stormen eind oktober 2003, onder meer met noorderlicht dat tot ver in Zuid-Europa werd gezien.
Laatst gecontroleerd op 16 oktober 2026